Vanaf 1 januari 2027 wordt de omzetdrempel voor de bijzondere btw-vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen geleidelijk verhoogd. De huidige grens van 25.000 euro stijgt naar 26.000 euro in 2027 en wordt vervolgens elk jaar met 1.000 euro opgetrokken, tot 30.000 euro vanaf 2031.
De verhoging geldt zowel voor in België gevestigde belastingplichtigen als voor belastingplichtigen die niet in België gevestigd zijn, maar waarvan de zetel van economische activiteit zich binnen de Europese Unie bevindt. De maatregel moet ervoor zorgen dat ook kleine ondernemingen met een iets hogere jaaromzet dan vandaag gebruik kunnen blijven maken van deze facultatieve vereenvoudigingsregeling.
Nieuwe omzetdrempels
| Jaar | Omzetdrempel |
| 2027 | 26.000 euro |
| 2028 | 27.000 euro |
| 2029 | 28.000 euro |
| 2030 | 29.000 euro |
| 2031 en volgende jaren | 30.000 euro |
Wat houdt de regeling in?
Ondernemingen die onder de drempel blijven en voor de vrijstellingsregeling kiezen, moeten in principe geen btw aanrekenen op hun uitgaande handelingen en zijn vrijgesteld van het indienen van periodieke btw-aangiften. Dat kan vooral interessant zijn voor kleine zelfstandigen, zelfstandigen in bijberoep, starters en ondernemingen die vooral aan particulieren factureren.
Daar staat wel een belangrijk nadeel tegenover. Wie de vrijstellingsregeling toepast, heeft geen recht op aftrek van de btw op inkomende kosten en investeringen die verband houden met de vrijgestelde handelingen. Voor ondernemingen met belangrijke investeringen of veel btw-belaste aankopen is de regeling dus niet altijd voordelig.
Omzetopvolging blijft essentieel
Ook na de verhoging blijft een correcte opvolging van de omzet belangrijk. De drempel wordt berekend op jaarbasis en bij de start van een activiteit in de loop van het jaar wordt de drempel pro rata verminderd. Daarnaast zijn bepaalde ondernemingen en sectoren uitgesloten van de regeling, zoals btw-eenheden en bepaalde activiteiten, waaronder werk in onroerende staat.
Ons advies: bekijk niet alleen of je onder de nieuwe omzetdrempel blijft, maar ook of de vrijstellingsregeling financieel interessant is. De administratieve vereenvoudiging kan aantrekkelijk zijn, maar het verlies van btw-aftrek kan in sommige dossiers zwaarder doorwegen.
