Back to Top

Minimumbezoldigingsvereiste - 30/04/2018

Het tarief van de Belgische vennootschapsbelasting daalt tot 25% vanaf 2020, dat was u wellicht al bekend. Kleine- en middelgrote ondernemingen kunnen van een extra verlaging van het tarief tot 20% genieten op de eerste schijf van 100.000 EUR aan belastbare inkomsten. De voorwaarden om van dit KMO-voordeel te kunnen genieten, werden echter aangescherpt. Een overzicht.

Om als KMO-vennootschap aangemerkt te worden, dient een vennootschap te voldoen aan de groottecriteria van art. 15, §1-6 W.Venn. Zo mag een KMO niet meer dan één van volgende criteria overschrijden op geconsolideerde basis:

  • jaargemiddelde personeelsbestand van maximum 50 werknemers (uitgedrukt in voltijdse equivalenten);
  • balanstotaal van maximum 4.500.000 EUR;
  • jaaromzet van maximum 9.000.000 EUR (excl. BTW).

Om vanaf aanslagjaar 2019 (belastbaar tijdperk startend ten vroegste op 1/1/2018) te kunnen genieten van het KMO-tarief, dient bijkomend cumulatief aan volgende voorwaarden te worden voldaan:

  • minimum 50% van de aandeelhouders zijn natuurlijke personen;het gaat niet om een financiële vennootschap;
  • er wordt een bezoldiging uitgekeerd aan minstens één bedrijfsleider natuurlijk persoon van minimum 45.000 EUR (voorheen 36.000 EUR) of, indien het resultaat lager is dan 45.000 EUR een bezoldiging van minimum het belastbaar resultaat.

Minimumbezoldiging

Alle soorten verloning die uitgekeerd worden aan eenzelfde bedrijfsleider komen in aanmerking om te voldoen aan de minimumbezoldiging ( dus incl. voordelen alle aard, vakantiegeld, eindejaarspremie, tantièmes, geherkwalificeerde huur…). Indien niet aan de vereiste bezoldiging wordt voldaan, geldt een dubbele sanctie: de vennootschap zal het KMO-tarief niet mogen toepassen én er zal een afzonderlijke aanslag geheven worden van 5,1% (aanslagjaar 2019 en 2020) en 10% (aanslagjaar 2021) op het tekort aan bezoldiging.   Op basis van een voorgesteld amendement van de reparatiewet zou de verhoging tot 10% wegvallen en zou een tarief van 5% van toepassing zijn vanaf aanslagjaar 2021.  Startende KMO’s zijn vrijgesteld van de minimumbezoldigingsvoorwaarde gedurende hun eerste 4 belastbare tijdperken.

VOORBEELDTABEL

Uit bovenstaande voorwaarden volgt ook dat vennootschappen die geen natuurlijk persoon als bedrijfsleider hebben, per definitie uitgesloten zijn van het KMO-tarief én onderworpen zullen zijn aan de afzonderlijke aanslag. Deze afzonderlijke aanslag maakt gelukkig wel een fiscaal aftrekbare kost uit in hoofde van de vennootschap.

Verbonden vennootschappen

De minimumbezoldiging voor vennootschappen die met elkaar verbonden zijn en die voor minstens de helft bedrijfsleiders/natuurlijke personen met elkaar delen bedraagt 75.000 EUR, te beoordelen op groepsniveau. Het tekort wordt op dezelfde manier berekend als bij niet-verbonden vennootschappen. De afzonderlijke heffing zal verschuldigd zijn door de vennootschap met het hoogste belastbaar resultaat.

Loonbeleid bedrijfsleider

Het voorgaande heeft tot gevolg dat sommige vennootschappen hun verloningsbeleid ten aanzien van de bedrijfsleider zullen moeten aanpassen om van het KMO-tarief te kunnen genieten.