Back to Top

De investeringsreserve: eenmalige opportuniteit ! - 18/04/2018

Onlangs gaven we met het HLB-academy team een klantenseminarie gericht aan KMO’s vennootschappen waarin we naar voren brachten dat de investeringsreserve voor veel KMO’s interessanter is dan de toepassing van de notionele interestaftrek. Dit omdat het tarief van de notionele interestaftrek voor inkomstenjaar 2017 historisch laag is (0,737% voor KMO’s). Hoewel de investeringsreserve in een uitdoofscenario ressorteert, maakt dit dat de investeringsreserve althans nog voor het aanslagjaar 2018 springlevend is.

Een woordje uitleg

KMO’s mogen een deel van hun resultaat dat normaliter wordt belast, vrijstellen mits het aanleggen van een investeringsreserve. De investeringsreserve bedraagt 50% van de aangroei van de reserves beperkt tot 37.500 EUR na toepassing van eventuele correcties. Dit maakt dat de investeringsreserve maximaal 18.750 EUR bedraagt.

De investeringsreserve moet geboekt worden op een aparte rekening van het passief en mag niet aangetast worden door uitkering of toekenning, dit brengt namelijk haar belastbaarheid teweeg. De vrijstelling is dus steeds van tijdelijke aard en de investeringsreserve zal ten laatste bij de vereffening van de vennootschap aan vennootschapsbelasting worden onderworpen.

Investering

De vennootschap dient het aangelegde bedrag binnen 3 jaar na aanleg van de reserve (incl. het boekjaar waarin de investeringsreserve wordt aangelegd) te investeren in materiële of immateriële vaste activa die aan volgende voorwaarden voldoen:

- activa die in nieuwe staat worden verkregen of tot stand gebracht;

- in België voor het uitoefenen van de activiteit van de vennootschap worden gebruikt;

- afschrijfbaar zijn over een periode van minstens 3 jaar.

Personenwagens worden o.m. niet aanvaard als investering.

Voorbeeld

In ons HLB-seminarie gaven we een voorbeeld waarin we vertrekken van een winst van het boekjaar van 100.000 EUR en het gebruik van de maximum investeringsreserve van 18.750 EUR. Dit gaf ons met toepassing van de investeringsreserve een netto resultaat (na belastingen) in de vennootschap van 75.795 EUR tegenover 69.445 EUR zonder. De investeringsreserve levert in dit voorbeeld dus een netto voordeel op in de vennootschap van 6.350 EUR. Om eenzelfde voordeel te bekomen met de notionele interestaftrek voor hetzelfde boekjaar dient de vennootschap een gecorrigeerd eigen vermogen te hebben van maar liefst 861.601 EUR.

Concreet

Het kan dus opportuun zijn om, bij het finaliseren van de cijfers van boekjaar 2017 (indien boekhouding per kalenderjaar), een investeringsreserve aan te leggen door overboeking op een aparte rekening van het passief voor een maximum bedrag van 18.750 EUR. Naderhand zal de investeringsreserve fiscaal worden verwerkt in de aangifte van de vennootschapsbelasting. Voor meer informatie en vragen of de investeringsreserve voor uw vennootschap interessant kan zijn, neemt u contact op met uw HLB-dossierbeheerder. Wij staan u graag bij om uw dossier fiscaal te optimaliseren.