Back to Top

Hervorming ondernemingsrecht - 18/04/2018

Met ingang van 1 november 2018 zullen de begrippen ‘handelaar’ en ‘rechtbank van koophandel’ ophouden te bestaan in het ondernemingsrecht. De ‘handelaar’ zal vanaf dan ‘onderneming’ heten en de ‘rechtbank van koophandel’ wordt omgedoopt tot ‘ondernemingsrechtbank’. Tegelijk met de naamswijziging wordt de invulling van het ondernemingsbegrip gewijzigd.

Onderneming

Voortaan zullen als ‘onderneming’ worden beschouwd:

  • iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent;
  • iedere rechtspersoon;
  • iedere andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid tenzij zij geen winstoogmerk heeft.

Worden in beginsel niet als onderneming aanzien:

  • iedere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid (zoals feitelijke verenigingen, …) die geen winstuitkeringsoogmerk heeft;
  • iedere publiekrechtelijke rechtspersoon die geen goederen of diensten op de markt aanbiedt;
  • de Federale staat, de gewesten, de gemeenschappen, provincies, enz..

Deze nieuwe definitie heeft tot gevolg dat ook bestuurders, beoefenaars van een vrij beroep, verenigingen en stichtingen aanzien zullen worden als een onderneming. Het feit dat verenigingen of stichtingen geen winstoogmerk of economisch doel hebben, maakt daarbij geen verschil. Organisaties zonder rechtspersoonlijkheid zoals de maatschap, de tijdelijke en de stille handelsvennootschap worden ook ondernemingen, tenzij elk winstuitkeringsoogmerk ontbreekt.

Ondernemingsrechtbank

Het begrip ‘onderneming’ dient als aanknopingspunt voor de ondernemingsrechtsbank die in beginsel bevoegd is voor geschillen tussen ondernemingen. Tegelijk werd het ondernemingsbegrip ook doorgetrokken in de toepassing van de bewijsregeling tussen ondernemingen (art. 1348bis BW), insolventieprocedures (boek XX WER), de verplichting tot inschrijving bij de kruispuntbank van ondernemingen (art. III, 49, §1 WER) en de boekhoudplicht (art. III, 82, §1 WER).

In de praktijk zal er echter niet veel veranderen. Enerzijds zijn er de loutere begripswijzigingen. Anderzijds blijven de regels betreffende de vrijheid van bewijs tussen ondernemingen, de inschrijvingsplicht bij de kruispuntbank voor ondernemingen en de boekhoudplicht grotendeels onveranderd.